EV vloot: lagere kosten voor werkgevers

dinsdag 11 juni, 2024

In veel situaties is de Total Cost of Ownership (TCO) van een elektrische auto vanaf 2025 gunstiger dan die van een fossiel aangedreven auto, blijkt uit een onderzoek van CE Delft. Maar zo’n nul-emissievlootnormering leidt wel tot hogere kosten voor veel werknemers.

Wanneer zo’n vlootnormering, waarbij alle nieuwe auto’s van de zaak emissievrij worden, in 2027 wordt ingevoerd, kan het aandeel elektrische auto’s van de zaak stijgen van circa 57 naar 66% in 2030.

Bovendien kost het werkgevers niets extra’s, aldus het rapport. De TCO voor een EV pakt vanaf 2025 al veelal gunstiger uit dan een ICE-voertuig. Vooral de gebruikskosten (energie, onderhoud, verzekeringen, ect) liggen lager wat de hogere aanschafprijs compenseert.

“Voor bedrijfsauto’s die in het bezit zijn van werkgevers, hebben we aangenomen dat dit rechtstreeks leidt tot lagere werkgeverskosten. Maar ook voor lease auto’s (die in het bezit zijn van leasemaatschappijen) nemen we aan dat deze lagere kosten zich vertalen in lagere leasetarieven en daarmee lagere kosten voor de werkgever”, aldus de onderzoekers van CE Delft.

Verschil grote en kleine auto’s

Er bestaan wel duidelijke verschillen tussen grote en kleine auto’s (zie Figuur 1). Voor auto’s van de zaak in het C- en D-segment is de TCO van elektrische auto’s gemiddeld genomen positief. Bij de kleinere auto’s van de zaak is dat echter lang niet altijd het geval, wat onder andere komt door het beperktere aanbod van kleine elektrische auto’s (waardoor de prijsverschillen met fossiele auto’s relatief groter blijven) en de gemiddeld lagere jaarkilometrages die deze auto’s rijden. Zo geldt voor het B-segment dat elektrische auto’s gemiddeld genomen pas na 2026 een positievere TCO krijgen ten opzichte van een fossiel aangedreven auto. Voor elektrische auto’s in het A-segment geldt zelfs dat de TCO tot 2030, en dus ook tot na de potentiële invoerdatum van 2027 voor de vlootnormering, vaak ongunstiger zal blijven dan voor een fossiel aangedreven auto. Echter, in 2022 bestond slechts 6% van de auto’s van de zaak uit A-segment auto’s.

Meer bijtelling

Vlootnormering leidt wel tot hogere kosten voor veel werknemers. Doordat de aanschafprijs van elektrische auto’s tot 2030 nog meestal hoger ligt, betalen werknemers voor een EV meer bijtelling dan voor een vergelijkbare, fossiel aangedreven auto. De afschaffing van de verlaagde bijtellingspercentages voor EV’s vanaf 2026 dragen hier in belangrijke mate aan bij. Enkel binnen het D-segment valt de bijtelling voor de gemiddelde elektrische auto lager uit dan voor een fossiel aangedreven auto, wat te verklaren valt door de relatief lage aanschafprijzen in dit segment (door het grote aanbod van elektrische-automodellen).

Belangrijke bijdrage CO2-reductie

Maar uiteindelijk dient een vlootnormering er om CO2-reductie teweeg te brengen. En dat blijkt het geval. EV-vlootnormering zou een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan een versnelling van de CO2-reductie van mobiliteit in Nederland, stelt CE Delft. Het zou alleen al in 2030 kunnen leiden tot een jaarlijkse reductie van circa 0,7 Mton, terwijl de verwachte cumulatieve reductie over de jaren 2027-2030 circa 2,0 Mton is.

Het CE Delft onderzoek is gedaan in opdracht van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) om zicht te krijgen op de kosten voor werkgevers en werknemers van een nul-emissie vlootnormering voor zakelijke auto’s. Download hier het volledige onderzoek.

Categorie: Milieu / CO2-besparing
Labels: CE Delft