Schadeherstel moet af van ‘prisoner’s dilemma’

maandag 10 december, 2018

Schadehersteller en verzekeraars/leasemaatschappijen houden elkaar vast in een ‘prisoner’s dilemma’, schetst Ronald van de Stolpe in een ‘eassay’ op Automotive Insiders. Geen van de partijen wil als eerste openheid van zaken geven, nodig voor een nieuwe vorm van samenwerking. Want dat laatste is hard nodig.

Dat schadeherstellers en verzekeraars elkaar nodig hebben, moge duidelijk zijn. Immers zonder deugdelijk schadeherstel heeft een autoverzekering alleen maar een financiële functie en zonder goede autoverzekering kan de schadeherstelmarkt niet gedijen. Beide belangen dienen dus op de één of andere manier met elkaar in evenwicht te zijn. Maar volgens Stolpe, werkzaam bij een grote financiële dienstverlener in de autobranche, is het vooral schijnevenwicht. Het eigenbelang staat bij de partijen centraal. “Het probleem in het huidige krachtenveld is volgens mij veelal dat de betalende partij (verzekeraar) de klant wil laten dineren bij een ster-restaurant en daar slechts een ‘vriendelijke prijs’ voor over heeft”, aldus Stolpe.

Ziektekostenmodel

Omdat alle partijen elkaar nu vasthouden in wat hij noemt een ‘prisoner’s dilemma’ – en er van hun dus geen verandering verwacht hoeft te worden – pleit Stolpe voor een andere manier van organiseren van de samenwerking, waarbij de eigen (financiële) belangen van partijen niet meer hoeven te prevaleren. Hij schetst 6 modellen in zijn artikel, van het zogenaamde ziektekostenmodel tot en met een eigen beheermodel. In dat laatste model vestigen importeurs eigen schadeherstelbedrijven of hebben er meerderheidsbelangen in. Het lijkt Stolpe een goed model voor niet-cosmetische schades. “Onderdelenkosten worden inzichtelijk, garantieaspecten worden in eigen beheer afgehandeld en verzekeraars kunnen op de achtergrond veel meer als white labels fungeren. Dit sluit ook aan op nieuwe mobiliteitsconcepten, waarbij het eigendom van het voertuig niet langer uitgangspunt is, maar het gebruik. Denk aan het succes van private lease. De importeur stelt het voertuig ter beschikking aan de klant, via bijvoorbeeld leaseconstructies, en heeft een regierol in het schadeherstelproces.”

Voor cosmetische schades kan het veilingmodel een goed alternatief zijn, waarbij reparatieopdrachten worden geveild en de laagste bieder de opdracht krijgt. Snelheid en standaardisering van schadeherstel zijn daarbij kernwaarden. Stolpe: “Zo’n veiling kan prima werken mits het reservoir aan big data van verzekeraars groot genoeg is om een inschatting te kunnen maken van reële hersteltarieven.”

Stolpe schrijft op persoonlijke titel dit ‘essay’ voor Automotive Insiders en wil daarom niet dat de naam van zijn werkgever wordt genoemd.

Lees hier het hele artikel op Automotive Insiders

Categorie: Geen

Gerelateerd achtergrond-artikel