KiM: Nederland went aan thuiswerken

woensdag 22 juli, 2020

Nederlanders lijken zich langzamerhand aan te passen aan de beperkingen die de coronacrisis met zich meebrengt. Ze oordelen positiever over thuiswerken dan ze aan het begin van de crisis deden. Daarnaast verwachten ze vaker te blijven thuiswerken als de crisis voorbij is. Een deel verwacht structureel minder te gaan reizen met het ov en het vliegtuig.

Klik hier om het onderzoek te downloaden

Het een en ander blijkt uit nieuw onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). Een eerdere studie in april wees al uit dat een aanzienlijk deel van de Nederlanders verwacht dat hun reisgedrag en hun werksituatie blijvend verandert door de coronacrisis.

Het aantal mensen dat thuiswerkt is sinds het begin van de crisis wel iets afgenomen (van 54% tot 48% van de werkenden). Maar het aandeel van deze groep dat positief is over het thuiswerken is in deze periode gestegen, van 61% naar 71%. Aan het begin van de crisis zei nog een kwart van de thuiswerkers dit ook na de crisis vaker te blijven doen. De afgelopen 2 maanden is dat gestegen naar 45%.

Negatieve kanten

Thuiswerken heeft ook negatieve kanten. Zo ervaart 36% van de thuiswerkers problemen met het vinden van een goede privé-werkbalans en heeft 17% fysieke klachten. Iets minder dan 1 op de 10  thuiswerkers heeft last van psychische klachten als gevolg van het thuiswerken.

Vergaderen op afstand is waarschijnlijk ook een blijvertje. Meer dan de helft (55% nu tegenover 43% eind maart, begin april) van de mensen die op afstand vergaderen vindt dit net zo productief als fysiek overleg. Het aandeel dat verwacht in de toekomst na de coronacrisis ook vaker op afstand te vergaderen is toegenomen sinds het begin van de coronacrisis, van iets meer dan 35% naar ongeveer 60%.

Openbaar vervoer

Ook het reisgedrag lijkt blijvend te veranderen. Ongeveer 28% van de Nederlanders die vóór de coronacrisis wel eens met het ov reisden verwacht na de coronacrisis minder gebruik te maken van het ov dan vóór de crisis. Daar staat tegenover dat 8% denkt na de crisis vaker gebruik te maken van het ov.

Een aanzienlijk deel van de ov-reizigers die zijn uitgeweken naar een alternatieve vervoerwijze ervaart dit als positief. Van de mensen die nu vaker de fiets gebruiken ter vervanging van het ov, verwacht 52% dit na de coronacrisis ook nog vaker te doen. Voor de brommer betreft dit 47%, de auto 34% en voor lopen 40%.

Categorie: Mobiliteit / Smart Mobility
Labels: KiM